De aansturing gaat op zijn kop   Leave a comment

Onze module baan werd al een paar jaar aangestuurd door het systeem Dinamo. Dat had als voordeel dat er analoge en digitale locomotieven op konden rijden. Bovendien was het een blok gestuurd systeem. Opgemerkt moet worden dat het een complex systeem is die niet door iedereen wordt begrepen. Het resultaat is dan ook dat de bediening, het opheffen van storingen en nog wat zaken maar door een paar mensen van de club kan/kon worden gedaan. De kans op storingen was bij ons veel aanwezig omdat de baan bestaat uit 13 modules met een gezamenlijke lengte van c.a. 14 meter. We hebben de bekabeling al een paar keer aan gepast om dit er uit te halen, maar het lukte nooit helemaal. Kortom Dinamo is een mooi systeem maar na nu blijkt het toch niet helemaal geschikt voor onze club van 17 leden. We hebben dus met zijn allen besloten om te stoppen met Dinamo en het te verkopen.
We stappen over op ‘gewoon’ DCC.
Het volgende gaat het worden.
De digitale centrale van Digikeijs de DR5000. Voorlopig gaan we gebruik maken van deze centrale die in het bezit is van een lid die er (nog) niets mee doet.
De wisselbediening die we nu verzorgen via de OC32 van het Dinamosysteem laten we zitten. Op 2 van de 3 prints moeten een paar aanpassingen gedaan worden om ze geschikt te makend voor DCC. De Conrad motoren bij het schaduwstation worden vervangen door servo’s.
De belangrijkste wijziging vind plaats voor de bezetmelding.
Bij het DCC protocol worden over het algemeen S88 modules gebruikt. Behoudens de kosten zit daar toch altijd een luchtje van storinggevoeligheid aan. We wilden de bezetmelding via de loconetbus laten lopen en dit kwam als vervangende oplossing uit de bus.
Het systeem wordt geleverd door Nico Teering en bestaat uit de volgende onderdelen:

De microprocessor Arduno Uno            rechts het Arloco loconet shield
Deze prik je op de Arduino

 

 

 

 

Een Okkie detectie print. Aan twee zijden worden  deze printen met 9 aansluitpunten
door verbonden met de Arloco (1GND). Aan beide zijde van de Arloco komt een
Okkie. Dus 16 bezetmeldpunten.

 

 

Aan de linkerzijde van het Arlocoshield hangt nog een tweede okkie.

Omdat de baan lang is en er toch minimaal 7 treinen moeten kunnen rijden plaatsen we er een Booster/Hub bij.

Deze booster/Hub is een product van de Railclub Utrecht en wordt in  onderdelen geleverd. Hij is niet alleen booster maar ook zoals de naam zegt hub. Een dubbelfunctie. Hij geeft het DCC signaal door en verzorgt op zijn deel van de baan, het vermogen. We kunnen kiezen uit 1,5 Amp (standaard), 3 of 6,5 Amp. Hij kan dus op gevoerd worden. Bovendien is hij een doorgeefluik (bus) voor het stuursignaal.  Er kan hand gestuurd gereden worden door b.v. een Roco maus 2 en- of Multimaus in te pluggen. Je kunt dan mee lopen met je rijdende trein en tussentijds van positie wisselen door een andere plug te kiezen. De RJ12 connectoren steken door het hout heen en aan de achterzijde of voorzijde van de modulebaan kunnen de treinen worden bediend. De wissels kunnen bediend worden via de centrale of via de computer door in het railplan van de software op de wissels te klikken.

Zo ziet de schakeling en sturing via de booster/hup er uit. De DCC aansluiting is afkomstig van de centrale evenals de bus + DCC. De DCC bus kan ook Expresnes zijn en is ook afkomstig van de centrale. De DR5000 beschikt over beide aansluitingen. Je kan dus een handregelaar via loconet  als een Multimaus via Expressnet aansluiten.

Ter verduidelijking.

Wat is LocoNet?

LocoNet is een principe van werken (het ‘Net’ in de naam zegt het al). Het is een zogenaamd peer-to-peer netwerk. Het is door Digitrax uitgevonden/ontwikkeld, waarbij Ethernet als voorbeeld heeft gediend. In dit netwerk zijn alle aangesloten apparaten gelijkwaardig en kunnen zelfstandig berichten de ‘lijn’ op sturen en moeten zich daarbij houden aan het LocoNet-protocol. Ze moeten alleen opletten dat ze niet door elkaar ‘praten’.
Digitrax heeft de specificaties en de hardware dusdanig aangepast aan onze ‘ruwe’ (voor elektronica) modelbaanomgeving, dat storingen buiten de deur worden gehouden.

Voedingsspanning ook uit het Net

Net zoals bij onze thuisnetwerken, kunt u een willekeurig apparaat, dat voorzien is van een LocoNet-aansluiting, verbinden met het LocoNet. Vergelijk dit met PC’s aansluiten op een hub of switch.
LocoNet heeft daarbij als extra de voorziening, dat ook de energie voor een dergelijk apparaat uit ‘het Net’ betrokken kan worden, bijvoorbeeld voor handregelaars en bezetmelders. Tot zover de hardwarekant van de zaak.

Softwarematig kunnen in principe alle aangesloten apparaten met elkaar praten. Er is dus niet per se een z.g. Master nodig, zoals die bij alle andere systemen wel nodig is. Zo kan een schakelmodule bijvoorbeeld direct naar meldingen van een terugmelder luisteren, en zo naar eigen goeddunken iets doen.

De centrale als beheerder

Er is echter wel één speciaal apparaat, waarvan er ook maar één op ‘het net’ aanwezig mag zijn. Dat is het zogenaamde ‘Command Station’. Dit is doorgaans wat wij onder ‘centrale’ verstaan. De centrale is dus een heel bijzonder LocoNet-apparaat, daar deze het beheer heeft over alle andere apparaten die, via de rails, met die centrale verbonden zijn. Dus de loc- en accessoiredecoders.

Voor de goede orde: het Command station (de centrale) is de enige, directe, verbinding tussen LocoNet en de rails, als het gaat om het genereren van besturingsopdrachten voor de locdecoders. Een dergelijk Command Station mag daarom slechts eenmaal op het complete netwerk aangesloten zijn, daar er anders twee kapiteins op hetzelfde schip verschijnen…

XPressNet

XPressNet is de protocol-‘taal’ die door de Roco Maus-familie en de Lenz LZV100 centrale gesproken wordt. Dit is een verbeterde/uitgebreidere versie van het Lenz X-bus protocol. Lenz noemt het DIGITAL Plus XpressNet. Op XPressNet kunnen, via de XPressNetkabel (zie: afbeelding 04), de volgende apparaten aangesloten worden: LH100-Handregelaar met toetsenbord, LH90-Handregelaar met knoppen, LI-USB-Ethernet Netwerk Interface, LI100, LI100F en LI101F-Computer Interface, LA152-XpressNET adapter voor het aansluiten van de LH90 en/of LH100.

 
 
 

Met betrekking tot de  gebruikte hardware verwijzen we naar:
https://forum.beneluxspoor.net/index.php/topic,74161.0.html
https://forum.beneluxspoor.net/index.php?topic=58491.0
https://arcomora.wordpress.com/download/
In deze draadjes staat pressies omschreven hoe de systemen werken.
Dus de loconetbus gebruiken wij voor de aansturing inclusief de bezetmelding en ExpressNet voor de handbesturing.

 

Advertenties

Posted 22 Nov 2017 by mszzeewolde in Wie zijn wij

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: